Dit is de website van Sjoerd Kooistra.

 

Ik ben sinds kort in het bezit van zijdehoen krielen,en dat was niet gemakkelijk.

Ik ben ook lid geworden van de zijdehoen club,en heb zodoende een ledenlijst met wat ze fokken gekregen.

Maar om daar wat weg te krijgen dat valt niet mee,je moet wachten tot het voorjaar tot er kuikens zijn,dan kan je wat afgekeurd materiaal duur kopen.

Ook zijn er mensen die er maar op los broeden met wat ze maar kunnen krijgen,die nemen het niet zo nou met wat ze verkopen echte broodfokkers.

Het houden en fokken van zijdehoen krielen is geweldig mooi ze zijn heel vertrouwd met de verzorger en ze zijn bijna nooit ziek bij een goede verzorging.

Daarbij komt dat ze heel goed en vaak broeds worden waardoor je heel vaak kunt genieten van een kloek met kuikens.

Maar om goede dieren te fokken moet men wel de standaard aan houden zoals hier onder word beschreven.

 

Herkomst
Oost Azië , China in het bijzonder.

 

Algemene indruk en eigenschappen:
Een klein , gedrongen hoen met rijke, zijdeharige bevedering, purperzwarte kopversierselen, matig bevederde benen, vijf tenen, kuif en al of niet met baard. Zeer betrouwbaar als broedster.

 
Vormbeschrijving:
 
  • Romp                          : breed, kort en stevig.
  • Kop                             : klein min of meer rond.
  • Kam                            : goed voor op de kop geplaatste walnootkam, bij voorkeur breder dan lang,
  •                                     metenkele kleine groeven en verhevenheden, zonder kamdoorn, donkerpurperrood.

  • Snavel                         : kort en stevig aan de basis; blauw.
  • Kinlellen                      : kort en goed gerond; purperkleurig, bij dieren met baard niet of nauwelijks aanwezig.
  • Oorlellen                     : ovaal van vorm, licht lazuurblauw.
  • Ogen                           : levendig; zeer donkerbruin, bij zwart af.
  • Kuif                             : nauwelijks middelgroot, goed gesloten, als geheel iets naar achteren gericht,
  •                                     de ogen vrijlatend.
  • Baard                          : indien aanwezig, middelgroot, driedelig, de keel en de benedenhelft van het gezicht bedekkend.
  • Hals                            : nauwelijks middellang, stevig.
  • Rug en zadel              : rug breed, kort en oplopend naar de staart. Zadel breed, in een holle lijn overgaand in de staart.
  • Borst                           : breed, diep en goed gerond; laag gedragen.
  • Vleugels                     : kort, goed gevouwen, bijna horizontaal gedragen, de vleugelpennen voor 1/3 gerafeld.
  • Schouders                  : breed, goed bedekt door het halsbehang.
  • Staart                         : stuurveren kort, vrij hoog gedragen, aan de basis goed gespreid, afgedekt door sikkels en bijsikkels 
                                         en de vanen goed gerafeld aan de einden en franjeachtig van structuur.
  • Achterlijf                      : vrij diep en vol, goed gerond.
  • Dijen                           : vrij kort, goed uit elkaar geplaatst, rijk bevederd doch zonder gierhakken.
  • Loopbenen en tenen  : loopbenen kort, aan de buitenzijde bevederd met niet te lange, zachte veren. b Vijf tenen,
                                        de vijfde teen staat geheel los van de achterteen, is goed achterwaarts en enigszins naar boven
                                        gericht. De middenteen bij voorkeur en de buitenteen goed bevederd.
  •                                     Kleur van de loopbenen en tenen, loodblauw. 
                                       
  • Bevedering                : Rijk, zeer zacht en zijdeharig. Doordat de weerhaken aan de baarden onvoldoende ontwikkeld zijn 
                                      zit er geen  verband in de vanen van de veer, de vanen zijn franjeachtig.
  • Huid                           : Blauw.
  • Kleurslagen groot      : wit, zwart, meerzomig patrijs, meerzomig zilverpatrijs, buff, blauw, parelgrijs en koekoek.
  • Kleurslagen kriel       : wit, zwart, buff, meerzomig patrijs en parelgrijs.

           Eventuele verschillen tussen haan en hen,

Behoudens secundaire geslachtskenmerken geen verschillen van betekenis.
De kuif van de hen is meer bolrond van vorm de hen heeft een zeer breed, bolrond zadelkussen.

Ernstige fouten,
Kleine of misvormde kuif, kamdorens, onvoldoende zijdevederigheid, ook in de    staart en slagpennen. Onvoldoende structuur van de vleugelpennen, waardoor alleen nog de schachten aanwezig zijn. Onvoldoende diepte van d purperkleur, afwijkende
been-,huid-,oog- en oorkleur, ontbreken van de vijfde teen, geheel ontbreken van bevedering aan de buitentenen en aan de loopbenen.

Fouten,

Bovenstaande ernstige fouten in mindere mate voorkomend. Bovendien niet geheel vrijstaande of verkeerd gerichte vijfde
teen, veel rood in de kam en oorlellen.

Gewicht haan groot: 1,5 – 2,0 kg. Hen groot: 1,4 - 1,8 kg.

Gewicht haan kriel: 600 – 700 gram. Hen kriel: 500 – 600 gram

Ringenmaat : haan groot 18 mm, hen groot 16mm.

Ringenmaat : haan kriel 12 mm, hen kriel 11 mm.